Wing Chun

Wing Chun is een zelfverdediging-discipline die zijn oorsprong vindt in China.

 

Toch doen meerdere legendes over het ontstaan de ronde. 

 

Eén van de meest aangenomen legendes:

Het Shaolin-klooster werd bezet door Manchu-soldaten, zo'n 250 jaar geleden. Tijdens die bezetting brak een groot vuur uit, dat het merendeel van de bewoners van het klooster doodde. 

Enkele vechtkunst experts werden gelukkig gespaard, waaronder de boeddhistische non Ng Mui, één van de ouderlingen van het klooster. Ze wilde zich wreken op de bezetter, en zocht daarom naar een nieuwe gevechtsstijl binnen de Wu Shu. 

Ze raakte geïnspireerd toen ze getuige was van een gevecht tussen een slang en een kraanvogel; de kraanvogel stond in het midden en de slang cirkelde om haar heen, maar de kraanvogel draaide steeds mee en telkens als de slang probeerde aan te vallen pareerde de kraanvogel het en gaf een klap met haar vleugel. Dit was het begin voor de nieuwe stijl. Na jaren was de stijl af.

 

De Wu Shu stijl is vernoemd naar haar eerste leerling, Yim Wing Chun. Zij was een meisje uit een nabijgelegen dorp dat lastiggevallen werd door een man. Ze was weggevlucht uit angst voor hem. Ng Mui ving haar op en leerde haar alle kneepjes van het vak. Na verloop van tijd keerde ze terug naar haar dorp en maakte ze korte metten met de man, wat toch spreekt voor de doeltreffendheid van de kunst.